Overzomerende ganzen

(exoten en soepganzen)

Veel grondgebruikers en Jagers hebben vaker gehoord van overzomerende ganzen en de kreet; "exoten" en soepgans", welke dit nu zijn probeer ik u in de onderstaande tabel en omschrijving duidelijk te maken.

Een overzicht van in Nederland voorkomende overzomerende ganzensoorten en hun status door de link te volgen krijgt u een foto van de ganzensoort en een korte omschrijving te zien.

 

Soort

Status wintergasten

Status broedvogels

Toelichting

Zwaangans Exoot Exoot
Toendrarietgans Inheems Exoot
Taigarietgans Inheems nvt Broedt niet in Nederland
Kleine Rietgans Inheems nvt Broedt niet in Nederland
Kolgans Inheems Exoot
Dwerggans Inheems nvt Broedt niet in Nederland
Grauwe Gans Inheems Inheems
Soepgans Aparte status, zie tekst
Keizergans Exoot Exoot
Sneeuwgans Deels inheems Exoot
Ross’ Gans Deels inheems Exoot
Indische Gans Exoot Exoot
Kleine Canadese Gans Inheems / exoot Exoot Ondersoort-specifiek
Grote Canadese Gans Exoot Exoot
Brandgans Inheems Exoot / Inheems Waarschijnlijk deels inheems, zie tekst
Roodhalsgans Inheems nvt Broedt niet in Nederland
Rotgans Inheems nvt Broedt niet in Nederland
Nijlgans Exoot Exoot
(gegevens van SOVON Nederland)

Definitie exoten ganzen

De in Nederland overzomerende ganzen zijn deels inheems, deels gaat het om al dan niet moedwillig geïntroduceerde of verwilderde exemplaren van soorten die hier normaliter niet tot broeden komen, zogenaamde exoten. Er bestaan wereldwijd veel definities van exoten. In het Engels worden exoten aangeduid als introduced species, exotic species, nonnative species, alien species of invasive species. Een aantal definities omvat uitsluitend, of met name die soorten die een negatief effect hebben op inheemse soorten of het ecosysteem waarin ze zijn geïntroduceerd (invasive species). Dat is logisch, want invasieve soorten zijn de op één na belangrijkste bedreiging voor de biodiversiteit op onze aarde, na habitat vernietiging. Van veel exoten is echter niet bekend of ze schade berokkenen aan het ecosysteem waarin ze zich bevinden of is geen enkel bewijs voor zulke schade gevonden. Het is zinvol om ook dat soort exoten in de definitie te betrekken.

De definitie van een exoot is breder, en is gebaseerd op geografische argumenten. De beste definitie is die van de Non-Native Species Task Group van het H. John Heinz III Center for Science, Economics and the Environment (Washington, DC, USA): Deze definitie sluit soorten, die niet op eigen kracht kunnen voortbestaan, dus uit. Ook gaat de definitie niet in op de manier waarop de soort in het niet-inheemse milieu is geïntroduceerd.

De volgende definitie van een exoot wordt hier voor de situatie in Nederland voorgesteld:

Een exoot is een soort die zich heeft gevestigd buiten zijn seizoensspecifieke historische èn natuurlijke leefgebied, door of vanwege het wegvallen van dispersiebarrières, waar dit wegvallen het gevolg is van al dan niet opzettelijk handelen door de mens.

Door de toevoeging "seizoensspecifieke" wordt onderscheid gemaakt tussen het voorkomen gedurende zomer en winter. Voor een Kolgans bijvoorbeeld omvat het seizoensspecifieke leeftijdsgebied in de zomer de toendra’s van Groenland en Rusland, maar in de winter de gematigde zone van Europa en Azië. Volgens deze definitie is een in Nederland broedende Kolgans een exoot wanneer dit broeden het gevolg is van handelen door de mens, terwijl ook een in Noord-Rusland overwinterende Kolgans een exoot is wanneer dit overwinteren het gevolg is van handelen door de mens. Van enkele kleine (onder)soorten van de Canadese Gans is het aannemelijk dat ze in de winter op eigen kracht Nederland kunnen bereiken. De Kleine Canadese Ganzen die in Nederland broeden behoren vrijwel altijd tot de ondersoort minima die hier niet als inheemse vogel voorkomt.

Definitie Soepgans

Onder de verzamelnaam Soepgans vallen:

  • Vrijlevende exemplaren van alle rassen van de boerderijgans, de gedomesticeerde vorm van de Grauwe Gans. Deze ganzen, wit of bruin van kleur, werden gehouden voor de eieren het vlees en het dons, maar dienden ook als "waakhond". Tegenwoordig is deze gewoonte in onbruik geraakt, de boerderijganzen worden veelal aan hun lot overgelaten en hebben zich op veel plaatsen in het vrije veld gevestigd. Oppervlakkig lijken de bruine varianten van deze vogels op Grauwe Ganzen. Informatie over het uiterlijk van de verschillende rassen kan worden gevonden in de ganzenfok literatuur.

  • Alle hybriden tussen boerderijganzen en de Grauwe Gans, en tussen boerderijganzen en alle andere soorten ganzen behoren eveneens tot deze groep, meestal gaat het om bont gekleurde vogels. De gedomesticeerde vorm van de Zwaangans; de Chinese of Afrikaanse Knobbelgans wordt soms eveneens tot de Soepgans gerekend.

  • Hybriden tussen een exoot en elke willekeurige andere soort gans worden soms ook tot Soepganzen gerekend. Omdat tenminste een van de ouders een exoot is dienen deze hybriden ook de status 'exoot' te hebben. Soepganzen zijn over het algemeen uitgesproken standvogels en verblijven zomer en winter in een relatief klein gebied. Ze komen algemeen voor in parken en bij vijvers in steden en dorpen, en worden vaak bijgevoerd door omwonenden. Lokaal leiden dit soort populaties tot overlast in de vorm van poep, het kaaltrappen van grasvelden en onveilige verkeerssituaties. Regelmatig worden kleine populaties Soepganzen die problemen of ergernis veroorzaken opgeruimd door ze te vangen en vervolgens te vergassen.

  • Noot:Voor de bestrijding van de zgn "overzomerende" kolganzen blijft een ontheffing art 68 van de FF-wet van de provincie nodig. Dit komt omdat de kolgans als soort in de Flora- en Faunawet voorkomt op de lijst van beschermde inheemse diersoorten. Omdat in de zomer, deze diersoort als exootstatus wordt toegekend door SOVON en LNV, geldt er in de zomerperiode geen doelstelling om deze soort in stand te houden. Dat maakt een aanvraag voor een ontheffing bij schade, door deze en de andere genoemde exoten gemakkelijker,conform art 68 FF-wet gemakkelijker.

    Voorkomen en aantallen geteld in Nederland

     

    Jaar van vestiging

    Broedparen 1998-2000

    Jaarlijkse groei tot 2000 (%)

    Broedparen 2005

    Jaarlijkse groei 1999 - 2005 (%)

    Aantal vogels 2005

    Zwaangans ?

     

    10 – 20

    nvt

    150

    47

    500

    Toendrarietgans

    1993

    1 – 5

    nvt

    2 -7

    10

     

    Kolgans

    1980

    200 – 250

    32

    400

    10

    2.000

    Dwerggans

    2002

    0

    nvt

    3 nvt

    10

     

    Grauwe Gans

    1961

    8.000 – 9.000

    20

    25.000

    20

    100.000

    Soepgans

    Nvt

    3.000 – 4.000

    10

    3.700 – 5.000

    4

    15.000

    Keizergans

    ?

    0 – 1

    nvt

    5

    31

    150

    Sneeuwgans

    ?

    0 – 1

    nvt

    3

    20

    10

    Ross’ Gans

     2004

    0

    nvt

    1

    nvt

    2

    Indische Gans

    1972

    70 – 100

    20

    100

    3

    350

    Gr. Canadese Gans

    1973

    1.000 – 1.400

    36

    3.000

    16

    12.000

    Kl. Canadese Gans

    ?

    ?

    nvt

    200

    nvt

    500

    Brandgans

    1982

    750 – 1.100

    46

    6.000

    37

    25.000

    Totaal

     

    13.000 – 15.650

     8.500 –

    40.000

    18

    155.532

    gegevens SOVON

     

    Soort

    korte beschrijving

    Zwaangans

    De zwaangans:Deze vrijgrootte ganzen worden herkend aan de voorhoofdsknobbel aan de snavelbasis. Ze dragen het typische, grauwbruine verenkleed van de grauwe gans, maar de nek is aan de voorkant roomkleurig, evenals de zijden, en aan de achterkant kastanjebruin. Deze ganzen zijn vrij groot en log ook in de vlucht. Dit zijn exoten die uit de Aziatische streken komen en daar vooral als huisdieren worden gehouden.

     Toendrarietgans

    Taiga- en toendrarietgans zijn lange tijd beschouwd als twee varianten op één en dezelfde vogelsoort. Nog steeds zijn vogeltaxonomen met elkaar in discussie over deze soorten. Geografisch gezien hebben beide varianten een ander broedgebied: de toendrarietgans broedt verder noordelijk dan de taigarietgans. De toendrabewoner is bovendien wat kleiner dan de taigabewoner, en heeft veel minder oranje op de snavel. De toendrarietgans lijkt dan ook sterk op de kleine rietgans. Al deze soorten komen als wintergast in Nederland voor

    Taigarietgans

    De taigarietgans of rietgans (Anser fabalis) is een vogel uit de familie Anatidae (zwanen, ganzen en eenden). Een volwassen exemplaar is ongeveer 75 centimeter groot en is daarmee iets kleiner dan de grauwe gans. Ze broeden in noordelijke bossen en toendra's. 's Winters zijn ze te vinden gras- en bouwland in de buurt van waterpartijen.

    De dieren hebben oranje-gele poten, een donkere kop en hals en een zwart met oranje snavel.

    Kleine Rietgans

    De kleine rietgans (Anser brachyrhynchus) is een vogel uit de familie Anatidae (zwanen, ganzen en eenden). Een volwassen exemplaar is 65 tot 70 centimeter groot en is daarmee iets kleiner dan de taigarietgans. Ze broeden in Arctica. 's Winters hebben ze hetzelfde habitat als de taigarietgans. Het uiterlijk van de dieren is bijna gelijk aan dat van de taigarietgans, maar ze hebben roze poten en een roze en zwarte snavel

    Kolgans

    De Kolgans;Qua uiterlijk doet de kolgans sterk denken aan de grauwe gans, maar hij is iets kleiner. Opvallend is zijn kol: een grote witte vlek rond zijn snavel. De snavel van de kolgans is niet oranje maar roze

    Dwerggans

    De dwerggans is een kleine gans die sterk lijkt op de in Nederland meer algemene kolgans. Bij de kolgans ontbreekt echter de gele ring om het oog. Ook loopt de witte bles op het voorhoofd bij de dwerggans door tot op de kruin, terwijl deze bij de kolgans alleen het voorhoofd bedekt.

    De dwerggans broedt in het noorden van Scandinavië en Rusland, maar brengt de winter door in het zuidoosten van Europa. Een klein aantal dwergganzen brengt de winter door in Nederland, waarbij de vogel vooral op relatief droge gronden aan te treffen is.

    Grauwe Gans

    De grauwe gans; (Anser anser) is de in Nederland meest voorkomende grijze gans. De ganzen zijn soorten uit de familie der Anatidea. Tijdens de vogeltrek vliegen de vogels in een V-vorm, waarbij ze het bekende gak-gak roepen.

    Soepgans

    De Soepgans; vrijlevende exemplaren van alle rassen van de boerderijgans, de gedomesticeerde vorm van de Grauwe Gans. Deze ganzen, wit of bruin van kleur, werden gehouden voor de eieren het vlees en het dons, maar dienden ook als "waakhond". Tegenwoordig is deze gewoonte in onbruik geraakt, de boerderijganzen worden veelal aan hun lot overgelaten en hebben zich op veel plaatsen in het vrije veld gevestigd. Oppervlakkig lijken de bruine varianten van deze vogels op Grauwe Ganzen

    Keizergans

    De keizergans (Anser canagicus) is een gans die broedt rond de Beringzee, Alaska en in Kamtsjatka. De vogel overwintert voornamelijk in de Aleoeten.

    Deze gans heeft een stevig grijs lichaam, subtiel gestreept met een een witte kop en achternek, vaak licht oranje vanwege het vele ijzer in het water. In tegenstelling tot de blauwachtige Sneeuwgans is het wit niet doorgetrokken tot het begin van de nek. De geslachten zien er ongeveer hetzelfde uit, maar bij de jongeren heeft de kop dezelfde kleur als het lichaam.

    Sneeuwgans

    De sneeuwgans; het is een forse witte gans met zwarte vleugelpunten en roze poten en snavel. Op de ondersnavel zit een donkere verkleuring die het dier een soort grijnslach geeft. De grijnslach is een goed onderscheidingskenmerk met de kleine sneeuwgans (A. rossii) die vrijwel dezelfde streken voorkomt. Beide witte ganzen zijn zeker niet altijd helemaal wit. Zij komen ook met een gedeeltelijk blauwig verenkleed voor. Er is lang gedacht dat de blauwe vorm een andere soort was, maar dat is niet het geval.

    Ross’ Gans

    De Ross’s gans of de dwergsneeuwgans wordt zo’n 53 tot 66 cm groot net zo groot als kolgans het gewicht ligt tussen de 1, kg en 1,6 kg. De vrouwtjes zijn relatief lichter als de genten. Ze lijken heel veel op de sneeuwgans maar duidelijk kleiner en een korte roze snavel en nek en een ronde lichaamsbouw.

    Indische Gans

    De Indische gans (Anser indicus) of gestreepte gans is een gans die broedt in Centraal-Azië en over de Himalaya vliegt om te overwinteren in de wetlands van India.

    Omdat dit dier over de Himalaya vliegt, heeft het dier een aantal unieke aanpassingen aan de lage luchtdruk op grote hoogte.

    In Europa leeft de Indische gans als exoot sinds exemplaren uit gevangenschap zijn ontsnapt

    Kleine Canadese Gans

    De Kleine Canadese; wordt zo'n 55 tot 60 cm groot en lijkt precies op de grote Canadese gans zoals u ziet, alleen ze is een stuk kleiner en heeft als belangrijkste kenmerk een kortere snavel en kortere nek.

    Grote Canadese Gans

    De Grote Canadese gans (Branta canadensis) behoort tot het genus Branta. Dit genus bevat veel soorten die voornamelijk zwarte veren hebben. Dit in tegenstelling tot de soorten van het Anser genus.

    De Grote Canadese gans is een exoot in Europa.

    Brandgans

    Brandgans;een volwassen exemplaar is ongeveer 65 centimeter groot en is daarmee een kleine ganzensoort. Brandganzen hebben een wit gezicht, een opvallende donkere vlek die loopt van de ogen tot de snavel, een zwarte hals en borst en een grijs lijf. De brandgans heeft een contrastrijk verenkleed met een lichtgrijze onderzijde en een donkergrijze rug. De veren op de rug zijn blauwgrijs van kleur en hebben een zwart uiteinde met een smalle witte rand, hierdoor ontstaat op de rug een opvallend patroon van witte en zwarte banden. Het meest herkenbaar is echter de witte tekening op de kop.

    Roodhalsgans

    De roodhalsgans (Branta ruficollis) is een kleurrijke gans die een wintergast is aan de Zwarte Zee en een dwaalgast in het westen. Het lichaam is zwart en in tweeën gedeeld door een witte flankstreep. De borst en het gezicht hebben een roestrode kleur en het hoofd heeft een bont gezichtspatroon. De kleine zwarte snavel en de dunne nek vallen sterk op. 53-56 cm. Kleine gans met onmiskenbaar patroon van zwart, wit en kastanjerood

    Rotgans

    Rotganzen zijn vrij donkere bijna zwart-witte vogel. Ze hebben een karakteristieke, ver klinkende roep rrot-rrot. In de wintermaanden is een van de drie soorten, de Rotgans, aan de kusten van de Noordzee aan te treffen, bijvoorbeeld aan de dijken rond de Grevelingen.

    De rotgans is een kleine gans, ongeveer 60 centimeter lang met een korte, stompe bek. De onderkant van de staart is puur wit en de bovenkant is zwart en erg kort (het kortst van alle ganzen).De rotgans komt voornamelijk voor in West-Siberië tijdens de zomer en West-Europa in de winter, waarbij de ene helft in Engeland neerstrijkt en de andere helft in het gebied tussen het noorden van Duitsland en het noorden van Frankrijk.

     Nijlgans

    Nijlgans groot; 63-73 cm. Groter dan de Bergeend, met langere roze poten en zware, roze snavel. Bovendelen grijsbruin tot rossigbruin, onderdelen beigegrijs met kastanjekleurige vlek op buik. Kop bleekgrijs met kastanjekleurig masker. Stuit, staart en grote slagpennen zwart. Heeft in de vlucht groot wit voorvleugelveld, als Casarca.

    Geluid;Lawaaiig, luide kwakende en grauwende geluiden, vooral in de vlucht. Sist bij verstoring.. De Nijlgans leeft voornamelijk op land, hoewel ze goed kan zwemmen. In het broedseizoen verdedigt ze een territorium, soms zelfs agressief.

    Voedsel;

    De Nijlgans eet zaden, bladeren, grassen en stengels. Af en toe eet dit dier sprinkhanen, wormen en andere kleine dieren.

    Nijlgans als exoot

    Als exoot komt de Nijlgans voor in Europa.

     
    Deze Website is opgemaakt door  Piet Croughs

    E-mail: info@wbesusteren.demon.nl

    Laatst gewijzigd

    09-12-2008