De Kauw  (Corvus monedula)

De kauw behoort tot de Corviden (kraaiachtigen) zoals de roeken, raven, zwarte kraaien en in wijder verband de eksters en de gaaien. Het zijn alle vogels met een relatief grote herseninhoud, waar zij hun hoge intelligentie aan te danken hebben en gewiekst kunnen optellen en aftrekken.

Waarschijnlijk is de kauw wel de slimste van de collectie van de kraaiachtigen.
De vlucht is licht dwarrelend met een snelle vleugelslag en in tegenstelling met de andere corviden demonstreert de kauw graag dat hij de luchtacrobatiek volledig beheerst en daar onder het uitstoten van de klanken "Kia" en een hard "Tsják" intens van geniet. Hij is met zijn 33 cm lichaamslengte duidelijk kleiner dan zijn oom de zwarte kraai. Kauwen zijn standvogels.belangrijk kenmetrk van de kauw zijn de witte felle ogen

Ze wonen in torens, ruïnes, konijnenholen, schoorstenen, rotsspleten en holle bomen, altijd in grotere of kleinere gemeenschappen, vaak ook samen met roeken en spreeuwen. 

Hun voedsel kan uit van alles bestaan, wormen, slakken, insecten, aas, vruchten, graan, alle voedselresten van de mens en zoals gezegd wel degelijk ook eieren van kleinere vogels en hun jongen zelf. Vooral aan gelegerd graan en maïs kunnen zij grote schade veroorzaken, daar zijn ze dan met hun jongen in groepen van wel 200 tot 300 stuks, vaak in de buurt van de roeken en kraaien.

Tot ver in de 20e eeuw, en als het aan sommige mensen ligt tot ver in de 21e eeuw, zijn kauwen vervolgd en ze krijgen de schuld van de achteruitgang van vrijwel alle vogelsoorten waar het slecht mee gaat. Kauwen halen geen nesten uit; kraaien, eksters en gaaien wel. Je ziet kauwen inderdaad langs de dakgoten met mussennesten struinen, maar ze eten dan vrijwel uitsluitend dode jongen, die door mussenouders uit het nest zijn verwijderd. In september zie je ook wel kauwen die verlaten gierzwaluwnesten controleren of er nog wat te halen valt.
Katten doden veel meer vogeltjes.

Per eksterterritorium van 5 hectare verslinden huiskatten per jaar 621 vogels, kraaiachtigen verdwijnen daarbij in het niet."

 
"Kauwen zijn door hun sociale manier van leven zeer verdraagzaam tegenover andere vogels die vaak in de buurt van kauwenkolonies broeden, al is het alleen maar dat rovers door de hele kolonie verjaagd worden en de broedvogel in de nabijheid ook veilig zit.
De schade aan de landbouw wordt gecompenseerd, door de hoeveelheid insecten die ze verdelgen. Als er teveel kraaiachtigen zijn komt dat toch door de mensen die te royaal met eten strooien, bewust of onbewust. Bestrijding heeft geen effect. Er zijn net zoveel kraaiachtigen als er voedsel is of de biotoop het toelaat."

De man en vrouw verbinden zich voor het leven met elkaar. De paarvorming vindt plaats op het eind van het tweede levensjaar, maar gebroed wordt er pas in het derde levensjaar. De balts is een haast middeleeuwshoofse aangelegenheid. Het mannetje buigt een groot aantal malen met gespreide vleugels en staartveren voor zijn gade alvorens meer te willen.
Een geliefkoosde bezigheid is ook het wederzijdse poetsen van het grijze verenkapje dat kauwen op hun achterhoofd en nek vertonen, door de veertjes met hun snavel te "kammen".

Het wijfje legt in april of juni 3 tot 7 lichtblauwe eieren en broedt ze in 19 dagen alleen uit, waarbij ze door het mannetje op het nest wordt gevoerd. Na zowat 18 dagen komen de jongen uit. Drie weken later kunnen ze al vliegen. Het nest bestaat uit takjes en dood materiaal, met een hoog gehalte aan wol, die kauwen rechtstreeks van een schapen- of paardenrug plukken, waar de leverancier geen enkel bezwaar tegen heeft. De jongen zijn na een maand vliegvlug. Kauwtjes kunnen wel 60 jaar oud  worden, hun snavel kunnen ze ook als schaar gebruiken. De zijkanten van zowel boven- als onderhelft zijn bijzonder scherp. Kauwen hebben een gebiedsgebonden geluid, waarmee ze onderling communiceren en ze kunnen 2 maal zo goed zien als een mens.

De ervaringen die in de loop van 2002 met verlenen van ontheffingen ex.artikel 68 van de FF-wet zijn opgedaan in Limburg geven aanleiding aan GS om twee diersoorten een uitzondering te maken op de bescherming van deze diersoorten. Voor de kauw en de zwarte kraai staat nu vast dat zij zodanig belangrijke schade toebrengen dat verjagen onvoldoende soelaas biedt, dat de Minister van LNV een landelijke vrijstelling op basis van artikel 65 geeft voor beide vogelsoorten, daar hierbij maatwerk geen oplossing biedt met ingang van 1 april 2004.Zo mogen ze verjaagd, gevangen worden in kraaienvangkooien en kastvallen, de nesten vernietigd worden.

Een kauwtje of jonge kraai gevonden, zie dan hier de verzorging van kauwtjes, informatie op de website: (www.fixeer.nl/kauwen)

 

Disclaimer  WBE

E-mail: info@wbesusterengraetheide.nl

Laatst gewijzigd

27-12-2010